Sponsorrit SMvG 2017

Maarten vraagt ons of hij langs mag komen in het weekend van 16 september, want de sponsorrit van de SMvG start dit jaar in Assen en dat is maar een half uur bij ons vandaan. Natuurlijk mag dat.
Of hij dan ook mag blijven slapen, natuurlijk mag dat! Mag Jeanine ook blijven slapen? Natuurlijk mag dat! En mijn broer Alber? Natuurlijk mag dat!
Alber blijkt het betreffende weekend helaas ziek, Maarten en Jeanine komen daarom samen met de Lemans op vrijdagavond.
Met zoveel gezelligheid op komst, melden we onszelf ook maar aan voor de sponsorrit. We zijn via Maarten wel bekend bij de SMvG, ook omdat Wiel jaarlijks helpt met hun website en de sponsor vermeldingen daarop.
smvg
De SMvG staat voor Stichting Mobiliteit voor Gehandicapten. Ze komen voort uit de MMvG, Motor Mobiliteit voor Gehandicapten en staan sinds een paar jaar ook op de motorbeurs met een professionele stand om bekendheid te krijgen.
Deze rit is ook uitgezet om wat sponsorgeld te ontvangen voor de stichting.
Startlocatie
De rit start bij Verkeersschool Koops in Assen, daar huis de MMvG ook, evenels Lukens Tuningsservice en zodoende is het eigenlijk het hoofdkwartier van de SMvG.
Doordat Koops rijopleidingen aanbied voor mensen met een lichamelijke beperking en Lukens meteen de aanpassingen aan de voertuigen realiseert, is deze locatie een fantastische samenwerking en logische plek om te zetelen voor de MMvG en de SMvG.
Vertrek
We zien een aantal bekenden, maar vooral voor Maarten en Jeanine is het een komen en gaan van bekenden aangezien Maarten voorzitter is van de stichting.
We vertrekken thuis in de regen, maar bij Assen houdt het op, dus we komen redelijk drooggewaaid aan op het hoofdkwartier.
De route bestaat uit twee delen. In elk deel zijn een aantal plekken waar je kunt stoppen voor een mooie foto, een prijsvraag, een museum of een rondleiding. Bij vertrek wordt nog driftig gekeken hoe de route in elkaar steekt op het routebord.
Het routebord
Na de koffie met appelgebak bij de verkeersschool, de Lemans is inmiddels ook van de aanhanger, gaan we vrij snel het bos in. Via kleine paadjes, weggetjes en dorpjes zien we allerlei onbekende en bekendere stukjes van Drenthe. Het heeft hier flink geregend en eigenlijk regent het inmiddels ook weer. De wegen zijn erg nat, dus in het bos rijden we iets rustiger dan gewoonlijk. We komen al snel een ander groepje tegen die om de haverklap stopt of verkeerd gaat. We halen ze in, want dit gaat wel erg langzaam.
De route is maar 75 kilometer tot de lunch, maar met dit weer, hoef je ook niet langer te rijden. Het is goed opletten geblazen met blaadjes, modder en takken op de weg na de storm van de afgelopen week.
Onderweg treffen we de fotograaf van Motoplus die ons rijdend op de foto zet. Leuk!
Bij het hunebed stoppen we ook even, we maken wel een foto, maar niet voor de prijsvraag.
Hunebed
We rijden via kleine dorpjes naar Grolloo waar we een heuze pitstop zullen aantreffen in de vorm van Café-Restaurant Hofsteenge. Even opwarmen aan de soep, kroketten en de broodjes doet iedereen goed. Er waren zo’n 80 aanmeldingen, niet iedereen is er, maar we nemen toch 2 zalen van het restaurant in beslag. Buiten staan de motoren op de parking, wat een mooi gezicht is. Het is een heel diverse groep motoren en een aantal heel fraai verbouwd.
Pitstop
Het is droog als we vertrekken en zal de rest van de middag tijdens het rijden vrijwel droog blijven. Fijn, dan kunnen we ook wat meer van de omgeving zien. We zijn alledrie op de Guzzi, dus we worden al snel ‘de Guzziclub’ genoemd. Verder rijdt er inderdaad weinig Italiaans mee helaas…..
Guzzi's
In Westerbork besluiten we niet te stoppen. Wij hebben het kamp al eens eerder gezien, maar bovendien is het nog een stukje lopen door het bos. Daar hebben we met onze natte kleding geen zin in, bovendien helaas ook niet de tijd voor. Dat kun je beter op je gemak een keer doen.
Via Hooghalen gaan we langs een paar TT-campings en rijden we langs het TT-circuit. Bij een zij-ingang staat iemand verderop te zwaaien, dat blijkt te plaats te zijn waar we ons moeten melden.
We mogen onder de nieuwste tribune parkeren en klauteren daar omhoog.
Er is een training aan de gang op het enorm natte circuit. Dat ziet er spannend uit. De tribune staat mooi in de bocht en je kunt verschillende bochten overzien. We blijven even staan kijken.
TT-deck
We mogen nog een paar etages omhoog naar het VIP-deck
We krijgen daar een kleine presentatie ter plekke over de toekomstplannen van het circuit, de tribunes, maar ook over het energieverbruik.
VIP-deck
Er is namelijk sinds kort een zonne-weide geplaatst achter de tribune. Hier staan 21.000 zonnepanelen op palen. Eronder zijn 14.000 parkeerplaatsen gemaakt voor bezoekers op de motor.
De zonneweide levert veel energie (gelijk aan 2000 huishoudens) aan het circuit. Alles wat over is, gaat naar de omgeving toe.
Het is een van de grootste zonne-weides van Nederland.
Panelen
Rob Janssen maakt het hek naar de parking open en zo mogen we met de Guzzi’s zelfs even een rondje op de lege parking rijden onder al die duizende panelen door. Wat een bijzondere ervaring! De fotograaf van Motoplus zet ons weer op de foto. Dat is wellicht in een artikel van hen terug te zien over het ‘aanpassen van motoren en de SMvG’.
Het is nog 1,5 uur rijden en we genieten meer en meer. De weg wordt droger en ik zie bij Wiel een grijns van oor tot oor verschijnen. Het is een fantastische route. We zullen de route bewaren om later bij droog weer nog eens te rijden.
Terug op het hoofdkwartier worden we opgewacht met drankjes en het vooruitzicht op een heerlijke bbq waar Maarten ons ook voor opgegeven heeft. We krijgen een apart menu, een vegetarische variant, dus wij zijn helemaal blij.
BBQ
Tegen 18 uur vertrekken we uit de blauwe bbq-wolk die in verkeersschool Koops hangt en rijden naar huis. Onderweg nog een aantal mede tourtochtrijders tegengekomen. Wat een warm welkom met eensgezinde mensen.

Nazomertreffen in de Ardennen

De locatie in Poupehan was ons al bekend van het openingstreffen twee jaar geleden. Een prima camping aan de rivier de Semois. De camping zelf ligt op een eilandje en wordt gerund door een Nederlands koppel. Er is een friterie en een café op het terrein en, zo blijkt, ook ingerichte huurtenten.
Nooit eerder hebben we een huurtent nodig gehad, maar de weersvoorspellingen waren niet zo best, met wat geluk konden we de laatst beschikbare tent nog reserveren!
Lunch
We vertrekken donderdags richting Wezup. We hebben daar om 10 uur afgesproken om samen met Gertjo wat landmarks in België op de gevoelige plaat vast te leggen. Op wat dreigende wolken na lijken de weergoden goedgestemd. Het blijft droog en eigenlijk is het prima motorweer. Niet te warm, niet te koud en droog.
In Tilburg stoppen we even om te tanken en op het Piusplein drinken we een kopje koffie. Vanaf hier gaan we binnendoor naar Brussel waar we het Atomium zullen opzoeken.
Atomium
Omdat we een mooie route rijden, duurt het aardig lang voordat we de eerste landmark eindelijk op de foto hebben. We hadden eerst de Landmark in Antwerpen nog aan kunnen doen, maar die hebben Wiel en ik al eerder dit jaar gehad. Gertjo gaat deze volgende week doen met Peter en Lucia. Na het Atomium proberen we Brussel uit te geraken, maar allez, das zo helemál niet gemakkelijk. Door de route, het herberekenen en alle verkeerslussen is mijn Garmin het spoor bijster en ik uiteindelijk ook. Op de vluchtstrook in de file zet ik de garmin aan naar de eerstvolgende landmark zodat we in de file aan de overkant ook weer een stukje terug moeten. Een beetje chagrijnig en op zoek naar een kopje koffie, hup gauw door naar het café ‘Verzekering tegen de grote dorst’, de volgende landmark
Grote dorst
Helaas is het dicht en dus gaan we spoedig op zoek naar een plekje om wat te drinken. Het duurt even, maar dan belanden we in een alleraardigs belgische kroegje in een verlaten dorpje wat zowaar open is.
De laatste landmark van vandaag is Manneke Pis in Geraerdsbergen. Wat een klein ‘lullig’ beeldje zeg!
We gaan in tempo door naar Bon-Secours (bij Peruwelz), hier heeft Gertjo een hotel geboekt. Het blijkt dat ze een ‘s’ zijn vergeten in hun naam. Het is inmiddels meer een hostel geworden. Maar meer hebben we niet nodig en de prijs is ook des-hostels!
We zijn behoorlijk gaar van het rijden, toch zo’n 450km gereden vandaag. Gelukkig zijn in het dorpje diverse eettentjes te vinden, dus we schuiven na een heerlijk biertje aan tafel in Le Petit Moulin.
Naast het hotel staat een immense basiliek en daarachter, zo zal de volgende ochtend blijken. ligt de franse grens.
De volgende ochtend stijgen we om 9 uur op. Het is begonnen met zachtjes regenen dit is de enige bui voor vandaag. We slalommen via landmark 61 in Frankrijk steeds langs de grens tussen België en Frankrijk om via Belgisch op twee na lelijkste regio eindelijk wat groenere wegen tegen te komen. We hebben vandaag in totaal 5 landmarks af te gaan, maar de vaart zit er door het geslalom en de drukke casino-dorpjes niet in.
Borgloon
Via de enorme Scheepslift (Landmark 87) en de verschuilplek van Hitler (Landmark 90) komen we in Dinant (Landmark 86) aan. Die in Dinant is wel bijzonder. De saxofoons op de brug. Het is inmiddels ver in de middag en we hebben nog 1 landmark op de route naar Poupehan staan. Ons rest alleen nog het boskapel in Orchimont (Landmark 81).
Helaas voor ons is de enige regenbui van vandaag nog altijd niet beëindigd en we rijden dan ook al uren doorweekt rond. De broeken, laarzen en jassen houden het niet al lang niet meer en van alle kanten word onze kleding laag voor laag nat en koud.
Even voor 17 uur rijden we dan de camping op.
Camping2
Gelukkig zijn we nog op tijd om brood voor de volgende dag te bestellen. We stallen alle laagjes kleding uit in de voortent over stoelen en een droogrek. Het café gaat iets eerder open dan aangekondigd en daar kunnen we lekker warm zitten, wat drinken en eten. De meesten bestellen bij de friterie, maar wij hebben voor 1 avond te eten mee. 3 dagen friet achter elkaar is ons te gek. Om 20 uur gaan we naar de tent om ons eten op te warmen. Uiteindelijk zijn we niet eens meer naar het café teruggegaan, die enige regenbui van vandaag ging zowaar over in een stortbui!
Pas in de ochtend stopt het tussen de stortbuien door ook met harder en zachter regenen.
Wiel en Gertjo gaan nog toch nog even een landmark aandoen in de buurt. Ikzelf heb geen zin om mijn kleddernatte pak aan te trekken en kies ervoor om te zorgen dat alles droog wordt voor we morgen vertrekken. Ondertussen kan ik mooi het geouwehoer aanhoren van de overige Guzzisten. Marja heeft met haar zoon en dochter de tent naast ons, maar vertrekken vandaag eerder dan gepland omdat haar zoon zich zo beroerd voelt. Theo vertrekt ook om medische redenen. Rob was, net als Theo, al een dag eerder op de camping. Rob besluit richting huis te rijden.
Huisje
Rob heeft alles kalm aan ingepakt en komt tot de ontdekking dat zelfs zijn beide slaapzakken nat zijn geworden vannacht. Inmiddels is John aangekomen met zijn Yamaha zijspan vanuit Baraque Michel om ook te ontdekken dat zijn waterdichte topkoffer een plas water heeft meegebracht.
Rob heeft inmiddels alles, zonder te mopperen, ingepakt en opgebonden als blijkt dat de 850 t3 ook niet van water houdt. Hij wordt helemaal leeggestart als er ineens wat leven hoorbaar is. Via de Lamborghini Tractor krijgen de heren de t3 weer aan en kan ook Rob eindelijk op huis aan.
Natte kleding
Wiel en Gertjo komen na 2 uurtjes rijden weer aangereden. Hun pakken zijn ietsje pietsje droger dan bij vertrek. Dat komt goed uit.
De overige natte zooi is hangt de tent en buiten over al het meubilair gedrappeerd. Ook daarbij is er wel wat drooggeblazen en zodoende past om 14 uur alles wat nog nat is netjes op het wasrek als het weer begint met regenen.
Morgen zal het beter worden en eigenlijk valt deze zaterdag ook weinig nattigheid in vergelijking met de vrijdag. De Semois lijkt even rustig en bedaard als altijd te stromen, dus de zorgen om een eventuele watersnoodramp zijn ook verdwenen.
Met een frieteke in het café op de camping wachten we op Jan Sybren, die om iets later aanschuift zodat de toercommissie ook nog een vergadering houdt op de locatie. Behalve Maarten is namelijk iedereen aanwezig.
Terwijl de barman een fantastische playlist langs laat gaan, wordt om een uur of 22 de verlichting gedimd naar disco verlichting en hallucineren we allemaal weg met Pink Floyd en een Brugse Zot.
Al met al toch een geslaagd treffen voor de diehards die Poupehan aan de Semois toch steeds weer weten te vinden.
Camping1

Rondje Noord

Het stond al een tijdje op de planning, de laatste landmarks van de MGCN Landmarkrally 2017 in Nederland rijden. In maart hebben we al veel punten op de foto gezet, meteen ook een aantal in België, maar nu zijn de laatste 8 landmarks voor 2017 aan de beurt in Noord Nederland.
Bijna traditiegetrouw rijden we de noordelijkste landmarks met Gertjo en hij heeft een mooie route in elkaar gezet. De overnachting staat gepland op de motorcamping ’t Witveen in Eastermar. Kunnen we daar ook eens de boel verkennen.
We bestellen mooi weer en rijden in de ochtend naar Gertjo. Eerst samen lunchen, we vertrekken uiteindleijk pas om 14 uur uit Kampen, dus snel op pad naar nummer 1 van de 4 die vandaag op de planning staan. Eerst de Orka in Urk. (of is het óp Urk?)
Het eerste deel van de route bestaat uit redelijk wat provinciale wegen, maar zo schieten we tenminste een beetje op.
Na dit stukje ‘kilometers maken’, slingeren we een aantal elfstedendorpjes door. Eén daarvan hebben we nodig voor de volgende landmark. We rijden door Gytsjerk naar de brug. Deze brug is helemaal betegeld met blauwe portretfoto’s. Van een afstand zie je er schaatsers in. De kleuren hebben ze zo geschakeerd dat alle portretjes samen het beeld van de schaatsers vormen. Gaaf!
Brug
Ter plekke een korte pauze bij het gemaal en we vertrekken weer . We blijven nog even in Friesland, want we moeten naar Hinde lopen euhhh we rijden naar Hindeloopen.
Waarom doet dit me toch aan Seth Gaaikema denken?!
In Hindeloopen rijden we het XXS Museumplein op en rijden een rondje rond de XXL Rietveldstoel. Aan het plein is een museum gevestigd en daarom heet het dus Museumplein. De 3 meter hoge Rietveld stoel wankelt wel een beetje als we erop proberen te klimmen, maar de foto is in elk geval geslaagd. De stoel is beschilderd door Hindelooper schilders, dat maakt het nog extra bijzonder. We stappen weer op en zoeken een plekje aan de haven om wat te drinken. Mooi plaatsje en de route wordt ook steeds mooier rond deze kleine vissersdorpjes. Deze streek voelt wel als thuiskomen, waarschijnlijk door alle houten huisjes.
Hindeloopen
We gaan verder naar Lauwersoog. Het is nog een heel stuk rijden, maar gelukkig niet zo druk op de weg. Onze wens naar mooi weer is gehoord, maar we zien niet zoveel fietsers en motoren op de weg. Gek eigenlijk.
Bij Lauwersoog rijden we om het Lauwersmeer heen, langs de parallelweg staat een enorm metalen bord ter ere van de zeearend in het Nationaal park. Dit is de landmark.
Zeearend
Vanaf hier gaan we naar de camping, waar we een blokhut hebben geregeld. Even onderweg nog wat dineren. Het enige dat open is in de buurt is een snackbar. Nou vooruit dan maar. De camping is helemaal leeg ondanks dat het mooi weer is en midden in juli. Vreemd.
We zitten toch gezellig buiten met de eigenaren en verhuizen later naar binnen in de schuur.
Camping
De ochtend voelt klam en koel. Na het ontbijt, dat door Hinke en Jan van ’t Witveen werd verzorgd, vertrekken we naar Drachten. Het is even zoeken naar de landmark. Ik had al wat moeite gehad de exacte locatie te vinden zodat we met Garmin direct naar dit beeldje zouden kunnen rijden, maar op de een of andere manier wil ook Garmin er helemaal niet naartoe. Hoe dan ook, hebben we op tijd in de gaten dat Garmin ineens het punt van Drachten heeft overgeslagen en we rijden even een stukje terug, rechtstreeks naar het beeld. Daar zetten we de route weer aan en rijden verder richting Groningen.
We rijden in de punt waar Friesland, Groningen en Drenthe in elkaar overgaan en zodoende pakken we eerst nog een landmark in Drenthe. Het is een woning in Veenhuizen. Het staat buiten het dorp, waar de iets grotere woningen staan. Deze woningen werden destijds (rond 1900) bewoond door de wat hogere ambtenaren die personeel waren van de verschillende gestichten in Veenhuizen. In het huis ‘Flink en Vlug’ woonde de gymnastiekleraar.
We zien verder niet veel van het nogal toeristische dorp, maar even erbuiten stoppen we bij het zogeheten oudste bos van Nederland. Het bos “Norgerhout” of wel Nörgerholt stamt waarschijnlijk uit de 9e of 10e eeuw en zal inderdaad tot de oudste bossen van Nederland horen. We spreken de eigenaresse van het restaurant wat tegen het bos aan ligt. Ze vertelt allerlei spannende verhalen over de ontsnapte gevangenen die via het bos bij het restaurant aan kwamen voor hulp, kleding en geld. Het was allemaal niet zo’n pretje. Wat nu als ‘attractie’ neergezet wordt, was voor de omwonenden helemaal niet zo leuk. De voortvluchtigen schuwden geen geweld en van sommigen van hen is nooit meer wat vernomen.
Na een welverdiend kopje oploskoffie gaan we op pad naar Garrelsweer. Het is zo’n 30 kilometer rijden en gaan de provincie Groningen in. We kunnen de Kloostermolen niet zo één-twee-drie vinden. We zien de molen wel middenin het weiland, maar er moet een weg zijn die er naar toe leidt. Daar zal ook een hek zijn met het MGCN-logo erop. Het was de gedachte van Landmarkmeester Maarten dat we dan langs dat hek zouden we rijden. Zijn zus woont namelijk naast de molen. Ik heb eerder deze week al met haar man Rob gesproken, ze weten dat we komen. De molen is een oude poldermolen uit 1877 en opgeknapt in 2014. Hij zit er schitterend uit en heeft heel bijzondere wieken.
Uiteindelijk rijden we om 13 uur het pad op en Rob en Joy staan ons op te wachten bij hun houten huis. Het is al een aantal jaren geleden dat we ze gezien en gesproken hebben en het is een gezellig weerzien. Wat een geweldige woning op een fantastische plek!! We krijgen zelfs een uitgebreide lunch voorgeschoteld en gaan na ruim een uur met een voldaan en gevuld gevoel weer het pad af naar de bewoonde wereld.
Molen
Lunchpost
Nog 1 landmark te gaan dit weekend en die is maar 7 kilometer verderop. In Appingedam rijden we naar de krukas. Een enorm gevaarte midden op de straat
Hij is daar in 1980 neergezet als geschenk van Jan Brons. De krukas komt dan ook uit een Bronsmotor. De fabriek die deze motoren maakte is nog altijd gevestigd bij Appingedam.
Krukas
Na het behalen van de laatste landmark rijden we zuidwaarts. De volgen de route, die nog altijd binnendoor gaat. Echter zijn we het na een uur zo zat! We stoppen voor krijgsraad. De stoom komt namelijk letterlijk uit onze oren. WAAR komen al deze mensen in die auto’s vandaan, maar erger nog, WAAR hebben ze hun rijbewijs gehaald. Men rijdt doodleuk met een gangetje van 20km/u een dorpje binnen, Slingeren besluiteloos rond. Je durft ze alleen met een rotgang in te halen uit angst dat ze INEENS besluiten linksaf te slaan of met een grote bocht naar links toch rechtsaf te rijden…..
We gaan daarom de kortste weg volgens. Gertjo buigt af voor familiebezoek in Emmen, wij vervolgen de N34 naar huis. Gertjo komt op de terugweg nog even langs om gezamelijk het weekend af te sluiten.
Een geslaagd weekend en met punten voor Nederland ‘in the pocket’!

Nordkapp 2018; de voorbereidingen

Afgelopen weken, in juni 2017, reden we naar de Nordkapp in Noorwegen met onze auto. Het doel is om daar aan te komen, maar bovenal het hotel, de campings en het hostel te bezoeken dat we in 2018 met de Moto Guzzi Club Nederland zullen bezoeken. Dan maken we dezelfde reis met een hele groep mensen.
We maken afspraken ter plekke en willen kijken wat de uitgezochte overnachtingslokaties te bieden hebben. Zo kunnen we de juiste hutten die bij elkaar gegroepeerd zijn uitzoeken, gegevens verzamelen, foto’s maken en bedden testen 😉
En natuurlijk is het wel zo relaxed in de auto zo’n reis samen te maken, af te wisselen met rijden en vooral heeeeel veeeeel foto’s (1200…) te kunnen maken onderweg.

Etappe 1: Huis – Zarpen (Dld)

We vertrekken in de middag richting de grens met Duitsland. Dan richting Bremen om via Hamburg binnendoor in het lieflijke plaatsje Zarpen te eindigen. Hier zit een motorvriendelijk hotel met genoeg bedden voor 35 personen. We checken in en zullen later een korte rondleiding krijgen van de eigenaar. Inmiddels heeft de chef bedacht dat we beter een andere kamer kunnen nemen bovenin met een groot dakterras! Altijd fijn 🙂
De reden is een feest in de zaal beneden, dat nogal luidruchtig zal verlopen.
In onze nieuwe kamer, treffen we op het dakterras onze ‘buren’ Pelle en Sanna. Twee Zweden, beiden op een BMW motor. Ze zijn een weekendje in Duitsland aan het toeren en boodschappen aan het inslaan.
We eten eerst beneden en treffen elkaar na het eten weer op het balkon om verder te kletsen. Gedwongen door de muggen, verplaatsen we naar binnen met meegebrachte biertjes en wijn.
We wisselen nog adressen uit en zij hebben nog wat tips voor onderweg die ze door zullen mailen. Altijd leuk!

Etappe 2: Zarpen (DLD) – Skivarp (S)

Na het ontbijt nemen we afscheid van Pelle en Sanna en zwaaien ze uit. We rijden


eigenlijk dezelfde weg, zij moeten 18km voor onze eindbestemming van vandaag zijn. Daar wonen ze in Anderslöv.
Zij hebben echter de boot Puttgarden-Rødby geboekt. Deze durfde ik niet te boeken vanwege een aanstaande crematie binnen de familie. De dag voor vertrek was de boot zo duur, dat we besloten via de tolbruggen te rijden. Een in Denemarken (Størebelt) en de grensbrug (The Bridge) naar Zweden (Øresund).
We kijken daar op de kaart hoe de route van Pelle en Sanna zal verlopen en schatten dat we tegelijkertijd aan zullen komen.
Omdat we even een sanitaire stop hebben bij het informatiepunt van Småland, blijven we even de snelweg in de gaten houden en inderdaad, ze komen voorbij gereden op hun 750GS en 1200GS. Goed getimed!
Omdat we op vakantie zijn en niet perse de hele rit aan de MGCN gaan wijden, besluiten we bij een vriend te overnachten in Zuid-Zweden. Hij heeft een klein appartement (stuga) in de helft van zijn garage gebouwd. In 2013 hebben we hem eerder bezocht en sindsdien altijd contact gehouden. Een heel leuk weerzien met hem, Martin en zijn vrouw Charlotte.

Etappe 3: Skivarp (S) – Röstånga (S) – Lidköping (S)

Zoals we van Martin gewend zijn, komt hij ’s ochtends nog even met de kaart in de stuga om wat mooie weggetjes aan te wijzen. Hij is gepensioneerd machinist en heeft heel Zweden gezien. Maar ook met zijn BMW-motor heeft hij heel het land doorkruist, dus tips geven kan hij als de beste. Met zijn gekregen Moto Guzzi shirt aan, zwaait Martin ons uit op weg naar ons doel, de Nordkapp.
Martin, tills nästa gång! tack

We rijden binnendoor naar de eerste camping om deze te bekijken en af te spreken met de eigenaar. We slapen er niet, omdat we al bij Martin hebben overnacht. De camping moeten we even zoeken, maar blijkt goed geschikt voor volgend jaar. Helaas zit er dan wel een andere eigenaar, dus zullen we alles met hem moeten regelen. We rijden door naar Lidköping, camping Krono. Hier wist ik van te voren al dat het wellicht niet zo geschikt zal zijn. We wagen het erop en boeken een stuga. Na een korte blik hebben we hier al spijt van en we zijn verder niet eens meer in gesprek gegaan met een eigenaar of medewerker. Wat onvriendelijk, duur en massaal daar. De stuga is erg klein, mist de kitchenette en het water plus wasbak wat wel op de plattegrond staat ingetekend. Geen aanrader dus. Wel genoeg plek voor een groep, nette sanitair en gezamenlijke keuken, maar veel te duur.
We zoeken ter plekke een andere camping. Wiel vindt er een die geschikt lijkt te zijn voor een grotere groep en daar rijden we ’s avonds nog naartoe. Het is ruim een half uur verder en ligt tegen een natuurgebied aan bij Hällekis. Heel wat anders dan midden in de stad. De eigenaar is ontzettend vriendelijk en laat ons over zijn terrein dwalen. We wisselen gegevens uit en hebben spijt dat onze spullen nog in Lidköping liggen. Wat een mooie locatie heeft deze vent voor zijn camping. Een fantastische weg er naartoe door hele oude dorpjes, slingerend langs de bossen, hertjes en de ondergaande zon. Op de camping zelf  een kleine vuurtoren en uitzicht over het meer. Dat belooft wat voor volgend jaar!

Etappe 4: Lidköping (S) – Trollhättan (S) – Ed (S)

We gaan westelijk langs het meer omhoog omdat we naar Trollhättan willen met de auto. We gaan naar het Saabmuseum. Het is om 11 uur open en een kwartier later staan we er.


Wat foto’s gemaakt buiten en een paar malloten met Saab 96 en 99 buiten rond zien scheuren door de wijk. Geweldig! Binnen is het natuurlijk een grote commerciële toestand, maar wel staan er alle modellen en dat maakt het toch een heel bijzondere collectie. Verder is er nog een kleine Saab-butik, waar we een sticker voor onze Sæby kopen en een souvenir.
We zijn weer wat blijer geworden en rijden door naar Ed (S). Hier is een camping die we met de groep op de terugweg aandoen, maar aangezien we toch langs deze kant van het meer omhoog rijden, stoppen we hier voor deze nacht. Een goede camping, maar nog lang niet in orde voor het seizoen. Ze zijn nog druk aan het schilderen, timmeren. Bij ons huisje zijn de goten eraf gehaald en is de zijkant ongeschilderd. Ze komen wel laat op gang hier. Met de eigenaresse is goed te praten en is heel flexibel.
We eten er pizza op het terrein en nemen een biertje erbij. Dat laatste hadden we beter niet kunnen doen, deze kostte omgerekend zo’n €8 per halve liter. We wisten dat alcohol duur was, maar dit slaat alles. We laten het Guzzi-biertje, een Falcon, ons wel smaken


en de pizza eten we in de stuga. We hebben prachtig uitzicht op het meer en genieten van het zweedse bos.

Etappe 5: Ed (S) – Orsa (S)

Vandaag gaan we meters maken, en wel noordwaarts. De bedoeling is om in Orsa terecht te komen. Dan zijn we weer op de route zoals gepland. We komen voor Karlstad de E45 tegen, deze weg zullen we nog veel zien deze week. Volgend jaar zullen we de 64 opgaan richting Orsa. We rijden nu per toeval langs een prachtig stukje Zweden, dat voor ons ook nieuw is.
In Sunne treffen we een fantastische diner in ‘the middle of nowhere’. Het


is net alsof je in Amerika staat, een diner met alles erop en eraan op een kale vlakte. We lunchen er met een grote grijns en vertrekken in de stromende regen (de Zweedse zomer) op weg naar Mora. Vanaf Mora kennen we de weg beter, we zijn hier eerder geweest en wederom rijden we langs de motorclub van Mora. Zij verhuren ook stuga’s, maar ons doel is Orsa, iets verderop langs de E45. In Orsa treffen we, net als in Lidköping een hele grote camping, maar deze mensen hebben het heel mooi opgezet en gelegen aan een meer.

Het terrein is verdeeld in kleinere stukken, hierdoor oogt het veel vriendelijker. We krijgen de sleutels van meerdere hutten en ook van het hostel om deze te bekijken. We noteren het een en ander aan nummers en prijzen en besluit zelf deze nacht in het hostel te slapen. Er blijkt verder niemand bij te komen, dus we hebben het hele hostel voor onszelf, met grote keuken en livingroom. Wat een luxe.

Etappe 6: Orsa (S) – Hammerdal (S) – Dorotea (S)

Verder noordwaarts. We blijven vandaag rond de E45 hangen. Waar we in Nederland gewend zijn dat dit de doorgaande snelle wegen zijn, is dat in Zweden niet zo. Een doorgaande snelle(re) weg, maar daar is ook alles mee gezegd. Het is soms akelig smal, er staan niet altijd strepen op de weg en hoe noordelijker we komen, hoe meer gravel er ligt. De zijwegen houden ook vrijwel allemaal na 10 meter op en de auto’s daarop verdwijnen met stofwolken het bos in.

We rijden via Sveg naar Östersund, een van de tips van Martin om te bezoeken, maar stoppen er niet. We nemen hier geen tijd voor vandaag, omdat we onderweg hebben besloten een camping van 4 jaar geleden te bezoeken in Dorotea, net in Lapland.
100km voor Dorotea komen we in Hammerdal bij de camping die ik voor volgend jaar in mijn hoofd heb. De Engelsen die het runnen zijn ontzettend enthousiaste ondernemers en we zijn helemaal verkocht! Wat een leuke plek met een positieve vibe.
Met positieve gevoelens rijden we door naar Dorotea waar we dezelfde Hollandse eigenaren treffen als 4 jaar terug. De camping ziet er ook hetzelfde uit als 4 jaar geleden, alleen kan het nu hier en daar wel wat verf gebruiken. Het geplande nieuwe restaurant wat op hun site staat, is in geen velden of wegen te bekennen.
We worden ook ‘in de wacht’ gezet door de eigenaar en treffen we alleen maar Hollanders die korting verwachten met pasjes en lidmaatschappen en zeuren over van alles en nog wat. pffff. Waren we toch maar in Hammerdal gebleven, want wát kunnen die Hollanders zeiken, ik zou er ook moedeloos van worden als eigenaar.

Etappe 7: Dorotea (S) – Jokkmokk (S)

Deze etappe hebben we in tegengestelde richting in 2013 gereden, toen zijn we niet verder gekomen dan Jokkmokk. Daar ligt de poolcirkel met een monument, souvenirwinkel en parkeerplaats. Leuk om te bezoeken en dit keer dus met de auto.
Sæby leert het Zweeds aardig vlot en tuft lekker door. We houden inmiddels wel het aantal tankstations onderweg in de gaten voor volgend jaar. Met de auto kunnen we ver komen, maar sommige motoren moeten elke 200km tanken. Soms komen we 75km lang geen tankstation tegen, dus dat soort stupide problemen moeten we zien te voorkomen. Via Vilhelmina, Storuman en Arvidsjaur rijden we de E45 verder omhoog. In Jokkmokk is het even zoeken naar de camping, net als de man op de California Jackal die we nog net zagen bij de poolcirkel. We treffen hem echter niet op de camping, wat wel jammer is natuurlijk.

De camping ziet er prima uit. In Nederland zou je het aanzien als asielzoekerscentrum en dat zijn we natuurlijk ook, tenminste voor deze avond.

Er zit een restaurant op de camping met heerlijk Italiaanse gerechten en een saladebar, dus wij zijn helemaal blij met wat gezonder eten. Dat is als vegetariër soms lastig in het buitenland. De campingwinkel is wel vrij prijzig, dus we doen de volgende dag wel wat inkopen bij de ICA supermarkt in het dorpje.

Etappe 8: Jokkmokk (S) – Finland – Kautokeino (N)

De supermarkt ICA in Jokkmokk blijkt een half warenhuis te zijn. In de winter is het

hier helemaal afgezonderd, want boven de poolcirkel is het deze weken wel 24 uur licht, maar in de winter is het er akelig lang donker. Bovendien ligt er een enorm pak sneeuw en zijn veel plekken alleen nog met een sneeuwscooter te bereiken.
Vorige keer zijn we niet noordelijker dan Jokkmokk gekomen, daar was de vakantie te kort voor, maar deze keer gaat dat lukken. Vanaf hier zien we ook regelmatig rendieren op de weg.

We hebben in de verte al wat sneeuwtoppen gezien en nu we wat noordelijker rijden, zien we continue sneeuw!
We horen van verschillende mensen dat de winter heel lang heeft aangehouden en dat is aan alles te merken. We zien pas heel noordelijk de eerste rendieren, hun kleintjes zijn nog heel klein. De bomen zijn pas net in het blad, terwijl het half juni is. Bovendien ligt er overal nog echt veel sneeuw. De wegen zijn natuurlijk vrij, maar er zijn verschillende meren nog bedekt met ijs. Buiten is het tegen de 20 graden, dus het lijkt nogal tegenstrijdig.
Het verklaart ook ineens dat er meerdere campings onderweg nog helemaal in opbouw zijn. Ze zijn nog niet klaar voor het seizoen, maar wel geopend. En dat terwijl Midsommar nadert en heel Zweden en Noorwegen vrij heeft, erop uit gaat en de caravan uit de stalling haalt voor een weekendje weg in eigen land!
Het landschap heeft veel weg van een toendra. Verlaten, af en toe een hutje, maar meer rendieren dan mensen lijkt wel.
We hebben de afgelopen dagen ook regelmatig dat we bijv 50km niets tegenkomen, geen echt dorp en amper kruispunten.
Via Finland bereiken we Noorwegen en rijden we door een soort toendra naar Kautokeino. Daar is de volgende camping. We worden welkom geheten door een

aardige vrouw in traditionele kleding en ze laat ons meerdere hytter zien (Noorse woord voor stuga). Op het terrein is een grote tipi met vuurplaats en zitbanken erin. Hier kun je lekker binnen bbq-en, maar wij hebben met de lunch al warm gegeten, dus we zijn blij met ons meegebrachte eten.

Etappe 9: Kautokeino (N) – Honningsvåg (N)

Vandaag de laatste etappe van onze heenreis en dus ook ons einddoel: Nordkapp rond midzomernacht! We maken al een aantal dagen 24 uur licht mee, maar nu is er zelfs geen schemering meer. We rijden de hele dag door een onaards landschap. Alles wat ik erover gezien, gelezen of gehoord had, werd teniet gedaan. Deze etappe is absoluut de moeite waard! De bergrotsen, de kale vlaktes, de sneeuwheuvels, de meren, de ijsschotsen, de kuddes rendieren, de dode bomen, de kleine berkenbosjes. Alles is de moeite waard en niet te omschrijven.

Zelfs op de meest afgelegen plekken staan huisjes, hutten, auto’s of sneeuwscooters. De sporen van de scooters zijn zelfs zichtbaar in de nog aanwezige sneeuw. We rijden via Alta, dat is de snelste route. Eenmaal voorbij Olderfjord komen we de tunnels tegen waarvoor we uiteindelijk bij de Nordkapp zullen betalen.
De laatste tunnel voert naar Honningsvåg, waar we zullen overnachten. We rijden de tunnel uit en zien meteen een enorm cruiseschip liggen in de haven.

Onze camping ligt buiten het dorp, dus we hebben geen last van die drukte. We zien wel ineens weer chinezen en japanners opduiken, ook in het hotel naast de camping. De camping is 30km van de Nordkapp af. Het is na de regenachtige ochtend en voormiddag nu droog en zonnig, dus we checken in en rijden meteen door naar de Nordkapp.

De Nordkapp:

De laatste 30km zijn nog onaardser dan de rest van de dag. Slingerend door het landschap op een dijkweg tussen het rotsachtig bobbelend maanlandschap met volop sneeuw.

We komen colonnes campers tegen en bovenal heel veel bussen. Er is namelijk een enorm cruiseschip aangemeerd in de haven van Honningsvåg. Deze mensen gaan dus blijkbaar allemaal met de bus naar de Nordkapp en daar zijn nogal wat bussen voor nodig.
We ‘krijgen’ een 24-uurs pas voor bijna de prijs van de overnachting, maar tsja….. dan maar denken dat ze de wegen en tunnels er ook van moeten onderhouden.
Ik word wel een beetje dwars van de hoeveelheid mensen op de Nordkapp en na wat foto’s en een bezoekje aan het enorme souvenir-paradijs gaan we de vlakte op om daar een mooi stenen torentje te bouwen voor een kennis die laatst is overleden en zoveel van

Noorwegen hield. Daar in de rust is het mooi, bizar stil in de ijle lucht en zie je geen diepte meer door het verre uitzicht over de zee en het landschap. Fantastisch!

Na 2 uurtjes op de Nordkapp gaan we weer terug. We blijven niet tot ‘zonsondergang’, bovendien lijkt het er niet op dat het goed zichtbaar is, want de horizon is wat bewolkt. Het is, ondanks de toeristische attractie, wel een hele belevenis en vooral een prestatie om toch 3600km te rijden om hier te komen. Geen ferry, bus, trein of vliegtuig aan te pas gekomen.
Overigens krijgen we steeds de vraag of we het noorderlicht hebben gezien. Dat kan alleen in het donker en hier gaat de zon niet onder in deze periode. Noorderlicht is vooral in december te zien.
Terug in de stuga blijkt deze gelukkig redelijk geluiddicht, want de bussen en auto’s zijn de hele nacht blijven rijden. Het is later op de avond gaan regenen, dus op de Nordkapp blijven had niets bijzonders opgeleverd, aangezien het niet helder was vanwege de regen. Er zijn wel genoeg mensen in de nacht naar de Nordkapp geweest, zij wilden juist graag het spektakel van “de zee die niet in de zon zakt” zien. De gordijnen hebben we met wat kunst en vliegwerk dichter kunnen maken, want er kwam een hele partij licht langs, precies richting het bed.

Etappe 10: Honningsvåg (N) – Altafjord (N) – Birtavarra (N)

We vertrekken wat eerder dan de vorige dagen, zodat we de camper/caravan/bus-drukte voor kunnen blijven en ook wat kilometers kunnen rijden. Het regent en dat lijkt ook nog even te duren. Pas voorbij Alta wordt het wat droger. De weg tot aan Alta is dezelfde als de heenweg, maar dat is geen straf. We rijden bij Alta de E6 verder af en komen 1,5 uur later bij Altafjord aan. Hier is de camping van de volgende locatie. De eigenaar is een heel geschikte kerel met behoorlijk wat plek op zijn terrein voor bezoekers. Het leukste blijkt de oude kippenschuur, waarin hij een grote woonkamer, een enorme keuken en boven een soort museum van heeft gemaakt. Hier kunnen we fijn rondhangen volgend jaar. Het uitzicht is prachtig over het hele fjord heen en buiten is dan ook een groot prieel.

waar je hiervan kunt genieten. Dat gaat helemaal goed komen! Het is pas 13 uur, dus we gaan door naar de volgende camping. Altafjord ligt niet heel ver rijden van Honningsvåg, maar vanwege de 24-uurs pas, is het wel fijn als je in de ochtend de Nordkapp nog kunt/wilt bezoeken. Zeker als het bij aankomst slecht weer blijkt te zijn.
We rijden daarna door naar Birtavarre langs de E6. We slingeren van het ene fjord naar het andere. Echt zoals je Noorwegen verwacht. In 2006 zijn we eerder in Noorwegen geweest, maar dat was in het zuiden. Soms vergelijkbaar, soms ook een totaal ander landschap. Deze dag was redelijk vermoeiend, het landschap was zo divers en de hele dag zo adembenemend mooi, dat je eigenlijk niet meer wist waar je nu moest kijken voor het mooiste uitzicht!
Op de camping in Birtavarre treffen we twee Italianen waarvan we de motoren op de Nordkapp ook hebben zien staan. De een rijdt namelijk op een Stelvio, dus dat viel Wiel natuurlijk op!


De motoren zien er net zo smerig uit als Sæby, ze melden dat ze ook veel regen hebben gehad vanuit Repvåg, het dorp waar zij verbleven. Pas in de avond wordt het wat warmer en maken we een korte wandeling.
De camping in Birtavarre stelt weinig voor, we slapen hier wel, want we hebben genoeg gereden vandaag, maar deze slaan we over met de MGCN. De etappe van Altafjord naar Narvik (417km) is waarschijnlijk wel redelijk te doen, maar kost toch wel een volle dag met deze Noorse bochten.

Etappe 11: Birtavarre (N) – Narvik (N) – Ballangen (N)

We vertrekken vroeg uit Birtavarre en rijden richting Narvik , dat is het volgende overnachtingsadres. We besluiten Birtavarre voor volgend jaar als overnachtingsplek over te slaan en de route van die dag wordt dan zo’n 450km. Dat is een vrij lange rit, maar er zit geen ferry in en het is wel goed te doen over de E6. We rijden langs allerlei mooie kleine vissersplaatsjes en zien ook vrij veel zalmkwekerijen op de fjorden. Het weer is redelijk goed, maar de temperatuur komt niet boven de 12 graden uit.

Eenmaal in Narvik is het druk en rijden we de camping zelfs voorbij. Het staat nergens aangegeven, er was alleen nog een slagboom te zien. Even alle wegomleidingen terugvolgen en inderdaad lijkt er alleen nog een slagboom te zijn. De camping is gesloten omdat er op dit stukje grond een kerk gebouwd gaat worden. De locatie, langs de drukke weg, is ook niet fantastisch. Ze zijn er vreselijk hard aan het werk met de bouw van een enorme brug, tunnel en de weg. We rijden 34km terug, daar heeft Wiel een camping aangewezen toen we er langs reden. De eigenaresse is nogal voorzichtig met boeken van grote groepen en lijkt overal een ‘maar’ op te hebben. Het zit mij niet zo lekker en ik wil eigenlijk ook niet veel verder dan Narvik een camping zoeken de lengte van deze langere etappe.
Ik kan me herinneren van de eerste opzet, dat hier in de buurt een alternatief was en daar rijden we heen. Het is en camping voorbij Narvik. In Ballangen.

Een heel fijne camping met wat luxere stuga’s die iedereen vast wel even nodig heeft na deze langere dagen.

Etappe 12: Ballangen (N) – Fauske (N) – Mosjøen (N)

Vlakbij de camping is de ferry. De E6 gaat gewoon door na deze ferry, dus eigenlijk gaat de weg door over het water. We hoeven niet vooraf te boeken, er gaat ongeveer elk uur wel een boot naar de overkant. Na een half uurtje wachten, komt er iemand voor de tickets en kunnen we er allemaal op. Wij pakken de boot van Skarberget naar Bognes, maar ook de boot pakken van Kjøpsvik naar Drag is een optie. Die is iets duurder en de overtocht duurt ook wel wat langer. Wij besluiten de meest logische verbinding te pakken. Het uitzicht onderweg naar de boot is fantastisch! Hier staan de meest bekende bergen van Noorwegen en ze zijn reusachtig. Ook treffen we een eland op de weg aan die ons argwanend aankijkt.

Later deze dag rijden we ineens weer volop tussen de sneeuw. Het is weer net zo’n ‘maanlandschap’ als bij de NoordNordkapp. We komen in de buurt van Mo i Rana. Dat plaatsje staat bekend om de poolcirkel. In Jokkmokk zijn we op de heenweg over de poolcirkel heengereden. Jokkmokk ligt zo’n 7km van de poolcirkel af. In Noorwegen had ik ook zoiets verwacht, maar Mo i Rana ligt nog een behoorlijk eindje verder onder de cirkel. Bij de ‘Arctic circle‘ stoppen we. We hebben inmiddels genoeg souvenirs, maar stoppen toch. De bergen sneeuw en het bijzondere gebouw met de vele stapeltjes stenen die



door kinderen en toeristen worden aangelegd maken het tot een mystieke locatie.
De volgende geplande slaapplaats is in Fauske. De camping daar is bij voorbaat al een twijfelgeval, want de website ontbreekt, je kunt alleen via booking.com boeken. Informatie was ook moeilijk te vinden, dus we zijn een beetje sceptisch. Eenmaal op de camping blijkt ons Noors van een te slechte kwaliteit te zijn en wordt de kleinzoon erbij gehaald voor de vertaling. 🙂
Hij leidt ons rond door allerlei hytter (hutten) en de camping mag er zeker zijn. Het ligt mij alleen te dicht bij Ballangen, dus we houden een slag om de arm. De afstand naar Mosjøen is wel te doen vanaf Ballangen, dus we halen inderdaad Fauske er tussenuit. We slapen in Mosjøen, met inmiddels een grote mobile-home verzameling. Het is bijna midzomernacht en dan gaan veel Noren op pad met de camper of caravan. Het weer werkt niet mee dit keer, maar ze gaan toch massaal op de camping staan. 🙂
Er is een leuke diner op de camping aanwezig, maar we hebben onderweg al wat gegeten. Of het nu een dom idee is of niet om twee jaar achter elkaar dezelfde trip te maken, wij vinden het nu toch echt de moeite waard. De rit volgend jaar wordt waarschijnlijk 2 dagen korter dan gepland en we hebben op de campings ter plekke leuk gegroepeerde stuga’s of hytter gezien.

Etappe 13: Mosjøen (N) – Vikhammer (N)

Vanaf Mosjøen gaat de E6 meer landinwaarts. Ze zijn op veel plaatsen aan de weg aan het werk. Ze maken hem breder en soms moeten we in kolonne achter een volgauto aan om de asfalteermachines te ontwijken. Misschien saai, maar er valt reusachtig veel te bekijken. Ze maken de wegen breden door gaten in de bergen te boren en daar dynamiet in te stoppen.

Zo ontstaan er enorme bergen met rotsen die ze te plekke kleiner maken en verplaatsen. Een hele operatie en eigenlijk wel heel interessant om te zien. De auto vindt het wat minder leuk, al dat gerammel over de gravelwegen. We blijven ook motoren tegenkomen die met volle bepakking noordwaarts rijden. Het zijn vooral de BMW GS’en die de kroon spannen. Zo’n 80% van wat we zien is een GS. De Goldwings zijn, gek genoeg, ook goed vertegenwoordigd, gevolgd door van allerlei lichtere off the roads.
In Vikhammer zijn we weer aan de kust beland. Het ligt vlakbij de grote stad Trondheim. Vanaf hier is Noorwegen weer wat ‘breder’ We zitten echt in de hoek van het land.
Bij het motell is een camping, maar het lijkt bewoond te worden door sloddervossen met oude auto’s. Er hangt een gekke sfeer en in het motell is het me ook niet helemaal duidelijk

wat die sfeer nu precies veroorzaakt. Het lijkt het er op dat het vroegere hotel is overgenomen door de aangelegen autohandelaar. Deze verhuurt het motell aan een paar figuren die er een soort hostel van hebben gemaakt. Met oude lakens, amper gordijnen, ramen die niet meer open of dicht kunnen. Een keuken die niet gebruikt wordt, geen kookmogelijkheden, maar ook geen ontbijt. Verder zijn zien we vooral jongeren rondlopen op zoek naar het beste wifi-signaal. Een hostel op zich is prima, maar niet voor hotelprijzen. Dus we gaan deze avond gebruiken voor het zoeken naar een ander adres.

Etappe 14: Vikhammer (N) – Malvik (N) – Gjøvik (N)

We vinden een grotere camping even terug en bezoeken deze vroeg in de ochtend. Het wordt gerund door een jong stel die het winkeltje uitbesteedt aan een stel dat overwintert in Thailand. Het levert leuke verhalen op met een een bos sleutels in de hand verkennen we een aantal hytter op het terrein. Het terrein is nogal steil en hobbelig, dus het is even zoeken naar een aantal geschikte hytter voor de groep zodat we de motoren er ook nog kunnen parkeren.

Hierna vervolgen we de etappe naar Gjøvik. Met het zoeken naar de camping hebben we ook een mooie alteratieve route gevonden om te rijden. We zijn de E6 een beetje zat, nu we wat meer in de bewoonde wereld terecht zijn gekomen, bovendien zijn grote stukken ook van tolcamera’s voorzien. De tolfacturen worden lang niet allemaal verstuurd naar het buitenland, maar we zitten ook niet op zo’n factuur te wachten natuurlijk.
We rijden een heel deel over de 3, maar nemen een detour via Tynset en gaan daar de 29 op. We rijden door een natuurgebied dat amper bevolkt wordt. Het is er schitterend. De weg gaat verder in de 27, welke staat aangegeven als bijzonder mooi. Er zijn ook wat mooie plekjes te bezoeken en er staan ook wat oudere stavkykrjes langs de weg.


Uiteindelijk komt de 27 weer bij de E6 uit, waar we al een poosje legervliegtuigen en helikopters laag zien vliegen. Ook hebben we een legerplaats doorkruist midden in de rimboe. We stoppen bij een supermarkt waar je totaal geen dorpje zou verwachten. Ook zijn de militairen hier volop aanwezig. Even verderop treffen we nog een klein winkeltje met en politieauto voor de deur geparkeerd en een stuk of 5 agenten op straat….. We rijden er wat langzamer langs, ze maken filmopnames, waarschijnlijk is de winkel ‘overvallen’.
We komen uiteindelijk uit vlak boven Gjøvik op de camping in Biri. Deze dag heeft het veel geregend en ook op de camping blijft het tot diep in de nacht regenen.
In 2006 zijn we ook in Gjøvik geweest tijdens onze verregende huwelijksreis haha, dus we zijn op bekend terrein. De camping en de hytter daar zijn prima, alleen wordt er een beetje moeilijk gedaan over de grootte van de groep volgend jaar. Als we meerdere dagen komen is het prima, maar 1 dag liever niet. Ook zijn de hutten voor 3 personen ingericht, waardoor we een nieuwe bezetting krijgen en we ook meer hutten nodig hebben. Al met al niet heel handig. We blijven wel een dag langer ivm midsommer, maar ook doordat we pas overmorgen in de nacht de boot van Gotenburg nemen.

Etappe 15 & 16: Gjøvik (N) – Elverum (N) – Braskereidfoss (N) – Båstnäs (S) – Gotenburg (S) – Viborg (DK)

Deze etappe is verdeeld over twee dagen. We vertrekken redelijk laat, omdat we de dag moeten ‘vullen’ tot we de boot kunnen nemen.
De camping in Ed hebben we op de heenweg al bezocht, dus we rijden nu via Bastnås (het autokerkhof) terug naar Zweden.
Eerst gaan we op zoek naar een alternatief voor de camping in Gjøvik. Ik heb iets gevonden in Elverum. Dit ligt aan de 3, waardoor de rijders volgend jaar min of meer verplicht de E6 af moeten. Wel zo prettig. Deze camping is supernetjes, de eigenaar heel hartelijk en de voorzieningen voortreffelijk. Helaas ziet de man het niet zitten de hytter voor 1 nacht te verhuren in de periode die wij willen. Hij heeft gelukkig wel een alternatief voor ons zo’n 25 km verder bij een biker-echtpaar. We bedanken hem hartelijk en gaan naar Støa Camping op zoek.

We treffen hier een camping aan het meer met heel simpele hytter. Echter is het vooral alles eromheen wat alles tot een heel goed alternatief maakt. Ze maakt nergens een probleem van, ook wel eens lekker. Dus eindelijk wat gevonden. We gaan nu eindelijk op weg naar Båstnäs. Een plek die op mijn bucketlist staat. Diep in het bos aan de Zweedse kant van de grens ligt een oude auto sloperij uit de jaren ’70. De broers die het hebben opgericht hebben de locatie gevuld met auto’s uit de jaren ’50, ’60 en ’70. Er was in die tijd een behoorlijke aanvoer van sloopauto’s omdat ze in Zweden een soort APK gingen invoeren. Velen dachten dat hun auto niet goedgekeurd zouden worden. De broers kregen enige tijd later geen vergunning meer, en ze hebben de boel zo achtergelaten. Hierdoor is als het ware een soort openlucht museum ontstaan.
Het staat echter nergens aangegeven en je moet net weten waar het precies is. Het ligt namelijk midden in het bos, zo’n 15km off the road rijden van de doorgaande wegen af. Overal in het bos rondom het huis staan auto’s te verroesten, opgestapeld of netjes

geparkeerd in het veld. Het schijnen er zo’n 1000 stuks te zijn. We kijken onze ogen uit en lopen er zeker een uur rond. Onze auto zelf vond het pad er naartoe minder geslaagd, we hebben in totaal al 4 lampjes moeten vervangen door al het getril. 😉

Ferry Gotenburg – Frederikshavn

Het is inmiddels 17 uur en we rijden door richting Gotenburg. Vannacht nemen we de boot van 4.15 naar Denemarken. Deze nachtelijke trip kost een fractie van de prijs van de boot van de middag ervoor.
We hebben dus alle tijd om daarheen te rijden en wat te eten. Op de boot zelf bleek slapen niet echt een optie in de stoelen die er vastgenageld zaten.

De mensen die hierop voorbereid waren, renden met slaapzakken of dekbedden vanaf de parking naar het dek om meteen de banken in beslag te nemen en deze 3 uur wat te slapen. Dus de banken waren allemaal bezet toen we boven kwamen. 🙂
Ons bevalt het rijden over de bruggen toch beter en volgend jaar zullen we gewoon overdag de ferry hebben, dus we hoeven het niet te onthouden om onze slaapzakken in de aanslag te houden.

Etappe 17: Viborg (DK) – Huis

We staan om 9 uur bij het hostel in Viborg. Het is zo’n 1,5 uur rijden vanaf de boot.

Het hostel is groot, maar verdeeld over verschillende gebouwen. Her en der een soort woonkamer, zitkamer of relax ruimte. We krijgen een aantal kamers te zien in de diverse gebouwen en noteren de kamernummers die ons het handigst lijken. Zo zitten we in elk geval allemaal in 1 gebouw met zicht op de motoren.
We rijden nu de laatste etappe, richting huis. Dit stuk rijden is redelijk saai en vanaf nu is het vooral kilometers maken op weg naar huis. Dat is nog 680km rijden en we zijn niet van plan nog ergens te gaan overnachten. Met een beetje geluk zijn we net na het middaguur voorbij Hamburg en moet de ergste drukte nog komen. Helaas belanden we midden in eindeloze files, wegwerkzaamheden en als klap op de vuurpijl zijn er ook ongelukken op die versmalde stukken A7. De hulpdiensten kunnen er moeilijk bijkomen wat er allemaal enorm vertraagd. Bij Bremen hetzelfde verhaal. We besluiten daar de A1 verder te volgen richting Osnabrück om via Meppen Nederland in te rijden. We komen precies op de A37 uit en zijn om 20 uur thuis. De katten hebben alles overleefd, maar zijn niet zo blij met onze terugkomst.


Bijna 7.200km verder:

  • 8 landgrenzen,
  • veel sneeuw,
  • weinig regen,
  • veel zon en
  • dagenlang geen zonsondergang!